Klein-Lindt
Tocht: 38 (3)
Bezocht op: 24 mei 2007
Provincie: Zuid-Holland

De vrouw van het eerste huis (of het laatste) is niet blij met het nieuwe natuurgebied. Het worden veel bomen en daardoor gaat het huidige ecosysteem veranderen. De zwanen zullen wel blijven, maar de bijzondere moerasral zal wel verdwijnen. Hij maakt alleen ;ís nachts het geluid van een huilende baby. Ze kan er goed bij slapen. Aan de andere dijk staat een lang huis. Aan de vorm is te zien, dat het een gemaal geweest moet zijn. Dat klop volgens de heer van Rijswijk. Zijn grootvader bediende er al het stoomgemaal van 1883 en zijn vader het elektrische gemaal van rond 1920. Voor het gemaal kon het water alleen geloodst worden als het water aan de andere kant laag was. Er lag daar een haven met een open verbinding met de Oude Maas. De Devel was toen nog een breed moerasgebied, waar stropers hun maal vandaan stroopten. Nu is er een nieuw gemaal en werd dit gemaal woonhuis van zijn vader en nu woont hij er. De heer van Rijswijk werkt nog steeds voor het waterschap en zijn broer bedient het nieuwe gemaal. Net als vroeger zijn de boeren nooit tevreden. Er moet eigen al gemalen worden voor er regen is gevallen. In de tuin staan van plaatijzer gemaakte vogels. Het is een hobby. De echte reigers schrikken niet van hun metalen soortgenoot, wel van een dun draadjes om de vijver.